|

Maatregel 3.: Crisisschorsing
Voor wie is deze maatregel bedoeld?
De derde maatregel geldt enkel voor bedienden: volledige of gedeeltelijke schorsing van het arbeidscontract bij gebrek aan werk. Dit als tegenhanger voor de economische werkloosheid van de arbeiders. Maar buiten het kader van de tijdelijke werkloosheid. Ook al is er voor de dagen van schorsing recht op dezelfde RVA-vergoedingen als bij tijdelijke werkloosheid: 75% of 70% van het brutoloon, begrensd op 2.206,46 euro per maand. Crisisuitkeringen gaan die uitkeringen worden genoemd.
Welke voorwaarden?
Het kan hierbij echter enkel gaan om:
- volledige schorsing gedurende maximum 16 weken per kalenderjaar (niet verlengbaar);
- of gedeeltelijke schorsing met nog minstens twee werkdagen in de week, gedurende maximum 26 weken per kalenderjaar (niet verlengbaar);
- of een combinatie van beide, waarbij 2 weken gedeeltelijke schorsing tellen voor één week volledige schorsing. Als bijvoorbeeld in het jaar al 14 weken gedeeltelijk werden geschorst, dan kan nog maximum 9 weken volledig worden geschorst (16-14/2).
Welk toepassingsgebied?
De uitsluiting van de arbeiders daargelaten, is het toepassingsgebied hetzelfde als voor de tweede formule van deeltijdarbeid met aanvullende uitkering. Enkel voor bedrijven onder de cao-wet met 15% omzetverlies, 15% verlies aan bestellingen, 15% productieverlies (vergeleken met het overeenstemmende kwartaal in 2008), 20% tijdelijke werkloosheid arbeiders (t.o.v. de totale werknemersgroep). En dus niet voor overheidsbedrijven.
En hoe zit het met de inspraak van de werknemers?
Ook is de inspraak van de werknemers op dezelfde wijze geregeld: eerst mogelijkheid van sectoroverleg, vervolgens bedrijfs-cao of een ondernemingsplan, gecontroleerd door een tripartiete commissie.
Al werden wel extra verplichtingen ingebouwd. De cao of het ondernemingsplan moet voorzien in een supplement voor elke dag schorsing, te betalen door de werkgever. Dit supplement moet minstens gelijkwaardig zijn aan wat de arbeider (in dezelfde onderneming) als supplement krijgt bij economische werkloosheid. Bovendien moet minstens 5 euro per dag worden betaald.
Voor het overige geldt ook hier de voorwaarde dat de cao of het plan moeten voorzien in maatregelen voor een maximaal behoud van de tewerkstelling. Op die basis kan de tripartiete commissie het ondernemingsplan eventueel afkeuren.
Bovenop is voorzien in verplichtingen inzake kennisgeving in de onderneming aan werknemers en overlegorganen, bij effectief gebruik van de cao of het plan. Zoals we dat ook kennen voor de economische werkloosheid van arbeiders.
Zoals ook is voorzien in de verplichte opname van inhaalrust, vooraleer de werkgever kan overgaan tot schorsing. Idem wanneer er nog uren moeten worden gerecupereerd in het kader van een flexibel uurrooster (art. 20bis Arbeidswet).
Hoe zit het met eventuele opzeg van het contract door de werknemer?
Tijdens de volledige of gedeeltelijke schorsing kan de bediende het contract beëindigen zonder een opzeg te moeten respecteren. Als de bediende eerder opzegde, loopt de opzeg door tijdens de schorsing. De werkgever kan opzeggen voor of tijdens de schorsing, mits de normale opzegtermijn. Die opzegtermijn loopt niet door tijdens de schorsing.
Bedoeling is om ook te voorzien in dezelfde gelijkstellingen voor jaarlijkse vakantie en voor de sociale zekerheid als bij economische werkloosheid van arbeiders. 1/3 van de financiering van deze maatregel moet komen uit het Sluitingsfonds, dus uit de bijdragen van de werkgevers.
De schorsingsdagen zijn gelijkgesteld met arbeidsdagen voor de sociale zekerheid en de jaarlijkse vakantie.
Handige checklist
STAP EEN – Voor ingang van de maatregel:
- De werkgever moet eerst een aanvraag doen aan het regionaal werkloosheidsbureau van de rijksdienst voor arbeidsvoorziening.
- Ten vroegste 14 dagen na de eerste voorlegging van bewijsstukken aan de RVA, zal de werkgever een regeling van volledige schorsing of van gedeeltelijke arbeid kunnen betekenen aan de werknemer. Deze zal pas in werking kunnen treden ten vroegste 7 dagen na deze kennisgeving.
Hoe moet deze kennisgeving gebeuren?
Door middel van aanplakking in de onderneming of door individuele kennisgeving aan de betrokken werknemers. (Een kopie van dit document wordt dezelfde dag bezorgd aan de ondernemingsraad of de vakbondsafvaardiging)
Deze kennisgeving bevat:
- nominatieve lijst
- begin- en einddatum schorsing
- aantal schorsingsdagen
- concrete data
STAP TWEE - vanaf eerste dag
Controlekaart (C3.2A) met een uniek identificatienummer wordt afgegeven door de werkgever aan de werknemer = werknemersverklaring ivm gewerkte dagen.
BELANGIJK !
- arbeidsprestaties voor aanvang aankruisen. Kaart correct invullen !
- steeds bij zich dragen
- bij vraag controle RVA/ inspectie kaart voorleggen
- verlies of niet ontvangst onmiddellijk aan RVA melden
- verkeerde invulling – LBC-NVK/ACV contacteren
STAP DRIE - een uitkering aanvragen
Je ontvangt van de werkgever uiterlijk op de eerste dag effectieve schorsing een document “C3.2 werkgever crisisuitkering”
Om de uitbetaling zo vlot mogelijk te laten verlopen, biedt je je best zo snel mogelijk - met dit document - persoonlijk aan bij het ACV dienstencentrum (uiterste limiet is één week voor het einde van de 2de maand volgend op de eerste schorsingsdag- vb: 1ste schorsing op 15 juli, uiterste indieningdatum één week voor eind september)
Wat neem je mee?
- Identiteitskaart (of SIS kaart)
- C3.2 werkgever crisisuitkering
- Geboortedata van alle gezinsleden
In het ACV dienstencentrum wordt de C3.2 werknemer en de C1 voorgelegd om in te vullen en te ondertekenen.
STAP VIER – op het einde van iedere maand
Je ontvangt van de werkgever iedere maand een document “C3.2 werkgever crisisuitkering” – waarop hij moet invullen welke dagen (en hoeveel uren) je economisch werkloos was
Samen met je “C3.2A controlekaart” bezorg je dat aan het ACV-dienstencentrum.
Enkele kritische bedenkingen
- Op de uitkering wordt slechts 10.09% bedrijfsvoorheffing ingehouden. Dit is te weinig. Op het einde van het jaar bij de belastingberekening zal dit voelbaar zijn.
- Op effectieve dagen crisisschorsing heeft de bediende het recht ontslag te nemen zonder opzeg.
Goed om te weten...
Het maximum refertemaandloon waarmee rekening gehouden wordt voor de bepaling van het bedrag van de uitkering is € 2203,46 bruto.
De maximumuitkeringen voor de crisisschorsing bedragen:
- code A (gezinshoofd): 75 %: € 63,65 per volledige schorsingsdag
- code N (alleenstaande):75 %: € 63,65 per volledige schorsingsdag
- code B (samenwonende): 70 %: € 59,40 per volledige schorsingsdag
Handige downloads
Wat zijn de gevolgen voor je loon?
|